
Coöperatie Haarle groeit in krimpende markt
ZakelijkHAARLE - Volg een klein beetje het nieuws en je weet dat er nogal wat aan de hand is in de agrarische sector, maar vooral dat ze krimpen moet. Dat heeft gevolgen voor tal van sectoren, niet in het minst voor de veevoederproducten. Coöperatiedirecteur Hans Verheul (49) geeft aan nog te groeien; “Wij groeien nog in aantal leden én in omzet”. Op zoek naar het geheim van de bijna kleinste in de branche.
“Ons geheim is vooral dat we niet de grootste willen worden. Het gaat bij ons om de menselijke maat in combinatie van honderd procent transparantie. De Coöperatieve Aan- en verkoopvereniging Zuid Oost Salland, kortweg CAVV genoemd, is van onze leden. Zij zijn klant maar ook gezamenlijk eigenaar. We hebben op dit moment tweehonderd twaalf leden en die informeren we gemiddeld zes keer per jaar met ons zogenaamde groene boekje. Ja, dat kun je zo van onze website plukken. Geen probleem, we hebben geen geheimen. Ook als ons financiële jaarverslag klaar is, gaat dat per post naar de leden. Binnen twee dagen krijg ik dan vaak al een collegiale ‘like’, een ‘duimpje’ of een mail van onze concullega, het paar maten groterere Booijnk uit Raalte. Dat groene boekje biedt een schat aan informatie, vooral vaktechnisch. Maar het is niet iedere periode knippen en plakken, ik ga daar écht voor zitten.”
Vlot hoofdrekenen
Verheul komt uit Loenen, volgde na de lagere school het Atheneum in Apeldoorn en deed daarna ‘Wageningen’. “Eén van de vakdocenten hield ons een wijze gedachtegang voor. Hij zei – je leert hier wat een zaag en een beitel is en wat je ermee kunt. Maar in de praktijk leer je pas hoe je een deur moet maken. Na mijn opleiding ging ik aan de slag bij Cebeco Ingenieursbureau, een ingenieursbureau in Deventer. Daar leerde ik mijn ‘snap-vermogen’ beter te ontwikkelen en ontdekte ook dat groter en groter willen worden, écht niet altijd de juiste oplossing is. Maar je moet wel je kansen zien. Én in het onderhandelen nét iets slimmer zijn en vlot hoofdrekenen is ook wel handig. Ik heb er twaalf jaar gewerkt en ben in 2008 toen overgestapt naar de CAVV. De één na kleinste aanbieder in de branche. Daar schamen we ons niet voor, in tegendeel, met deze schaalgrootte is je klant ook een relatie. Ik ben bijvoorbeeld bij ál onze leden op de koffie geweest. Omdat ik de directeur ben en zo belangrijk ben?, nee, een boer kan mij altijd bellen, mijn mobiele nummer staat gewoon op onze site. Het schept een band. Die boer kent onze voorlichter, maar hij kent mij ook en omgekeerd. We werken overigens nauw samen met de Coöperatie de Eendracht in Rouveen. Zij bedienen een heel ander marktgebied. Zij nog iets kleiner dan ons. Een deel van onze business wordt in Rouveen geproduceerd en een deel bij de Coöperatie Den Ham. Toen ik aantrad heb ik me twee doelen gesteld; één, we willen nog minstens twintig jaar zelfstandig blijven en twee; elk jaar moet het leuker worden. We zijn nog steeds zelfstandig en we groeien nog steeds in afzet.”
Elektrificeren wagenpark
“Mijn directietaken vul ik voor de ene helft in voor Rouveen en de andere helft voor Haarle. Dat is best aanpoten, zeker omdat ik ook, net als in Haarle, alle klanten en dus leden een keer wil bezoeken. We werken samen op gebied van HR-taken, we kopen gezamenlijk energie in, we doen aan kruisbestuiving op gebied van kennisoverdracht. We denken nu na of elektrificeren van ons vrachtwagenpark al haalbaar is. We hebben grote trafo’s bij de fabriek en je zou leden kunnen overhalen dat men een laadpaal installeert in ruil voor een stukje korting op het veevoer. Tijdens het lossen kan er dan ter plekke weer opgeladen worden. De omzetten fluctueren wél, kijk naar vorig jaar toen de grondstofprijzen door de oorlog in Oekraïne sky high werden. Vorig jaar lag onze omzet met zesenzestigduizend ton op ca twee-en dertig miljoen euro, dit jaar komen we in euro’s lager uit, maar de afzet blijft op niveau. Nagenoeg alle sectoren – konijnen, varkens, pluimvee deden het dit jaar goed. De melkveehouders hadden het wat minder, maar zitten nu duidelijk weer in de lift.”
Maar jullie kunnen toch nooit tegen de grote voerleveranciers op?
Hans gaat er even goed voor zitten. “Dat denken mensen vaak, maar we geloven er niet in dat één en één drie is. Wij kopen onze grondstoffen ook per boot in en daar zit niet veel tussen ten opzichte van de grotere jongens. Ons marktgebied is relatief klein, dus rijden we efficiëntere, compactere routes en minder leeg. Onze klanten zitten niet in Brabant, dus zijn onze vervoerskosten per ton lager. Qua productiekosten zitten we wat hoger, maar per saldo komen we gewoon mee. Onze marges houden we gelijk, of het voer nu duur is of goedkoop. Dat kan ook vooral omdat we een coöperatie zijn.”
Beurskoers omlaag
“Een grote, voorheen coöperatieve onderneming is nu beursgenoteerd. Zij moeten aandeelhouderswaarde laten zien. Men moet groeien, willen dan groeien in Duitsland en in Polen. En oh, de koers gaat omlaag. Een boer die daar klant is heeft daar niet een goed gevoel bij. Wij tanken op dit moment iedere keer nieuwe klanten binnen. Allemaal afkomstig van de grote jongens. We laten nu handel liggen omdat we een voorlichter/een salesman/acquisiteur nodig hebben. We geven twintig eurocent per honderd kilogram veevoeder als onze klant ’s ochtends vóór 12.00 uur besteld. Circa 85% van de leden maakt daar al gebruik van. Die laatsten zijn maar moeilijk in dat systeem te krijgen. Bellen rustig op en zeggen dat de silo leeg is. Ja, wat doe je dan, niet leveren kan niet, maar hoe beter we weten wat we dagelijks moeten leveren, hoe beter de planning, hoe efficiënter voor ons, en direct ook voor de boer. We hebben de afgelopen jaren alle winsten uitgekeerd aan de leden. We keren nu iets minder uit, zodat we meer in de eigen kassa houden. We willen nu even weer wat spek op de botten want rood staan bij de bank vinden we niet fijn.”
Groeien?, De productiecapaciteit zit in Haarle toch aan de grens?
“Klopt, hier mag niet veel meer bijgebouwd worden. We zitten op een postzegel als het ware. We investeren ieder jaar in meer dan nodig is in zaken die de eventuele overlast verminderen. We plaatsten recent nog een duur geur-reductiesysteem op de fabriek. Het hoefde niet maar we doen het wel. De relatie met de buren en gemeente Hellendoorn is goed. Maar daarom werken we ook al jaren samen met productielocaties Rouveen en Den Ham waar nog wél méér geproduceerd kan worden. En de eerder genoemde zonnepanelen op onze daken zijn niet van ons. We stellen ons dak beschikbaar en de opbrengst van de panelen gaat naar Haarle Energie Neutraal.”
Wat doet Oocon?
“Oocon staat voor Op en Overslag Coöperatie Oost Nederland en is in Lochem nabij Intratuin, direct aan het kanaal, gevestigd. Ja, dat gebouw met die gigantische muurschildering. Dat silocomplex was in de jaren dertig van de vorige eeuw in bezit van een aantal verenigde coöperaties, die uiteindelijk tot de ForFarmers, ABZ diervoeding en CAVV fuseerden. Vanwege de noodzaak voor biologische productieopslag had het aan kanaal gelegen ForFarmers wel belang bij het silocomplex. Aldus verkochten we deze locatie voor een goede prijs. Maar bij de beursgang van ForFarmers nóg weer later in 2015 hebben wij het complex weer teruggekocht voor – je raadt het al, een lagere prijs. De balans moest met voor de beursgang in 2016 opgeschoond worden, dus stootten ze het Lochemse complex af. Dat was dus een leuke deal voor ons kun je wel stellen. Oocon stelt ons samen met mede-eigenaar ABZ Diervoeding in staat om voorraden te bufferen. Vandaar gaat de grondstof naar onze productielocaties voor verwerking tot veevoer. Vervoer per schip lijkt allemaal wel zo duurzaam maar is het niet altijd. Grondstoffen zoals graan, triticale, haver, eiwitten en soja komen per vrachtschip in een grote haven aan die dit grootformaat schepen kan ontvangen. Vaak met hoge havenprijzen. Die grote schepen laden de grondstoffen over in kleine schepen geschikt om van Rotterdam naar Lochem te varen. Vervolgens gaat het op de ‘as’ naar Haarle. Ik twijfel er sterk aan of die langere route duurzamer is, dan gewoon via de vrachtauto. Een schip vaart bovendien altijd ‘om’.”
Hoe lang blijf je nog bij ‘CAVV Haarle?
“in 2008 stelde ik dat we nog minstens twintig jaar zelfstandig zouden blijven. Diezelfde twintig jaar durf ik nu wéér te stellen.Toen ik in 2008 aantrad zat de coöperatie een beetje in een soort vacuüm. Welke kant ging de coöperatie op? Verdere samenwerking? Over laten nemen door een grote partij? Er was duidelijk nieuw elan nodig en dat heb ik afgelopen jaren proberen te laten zien, ik ben nu 49 jaar en wil nog wel weer voor twintig jaren bijtekenen. We groeien immers nog steeds, hoewel landelijk gezien de veestapel krimpt. Boeren zitten vooral met de politieke onduidelijkheid, dus onzekerheid, over hun bestaan. Men wil verder maar weet niet hoe. Wij proberen dicht bij die boer te staan en als het ware een hand op de schouder te leggen om te kijken hoe men toch verder kan. Misschien is daarom het aantal stoppende boeren bij ons dan ook lager dan bij de concurrent.”
Gerard Voortman













