Algemeen

Schooldammers De Ark Daarle tiende in halve finale te Laren

DAARLE/LAREN – Vier leerlingen van basisschool De Ark hebben onlangs meegedaan aan de halve finale van het kampioenschap schooldammen van Nederland. De wedstrijden werden zaterdag 13 april gespeeld in het Gelderse Laren en begonnen al in de ochtend om 11.00 uur. “Het was best een lange dag, ook voor de ouders die met de kinderen mee waren”, zegt hun damtrainer Koert Meuleman. “We moesten er al om half elf zijn en waren om vijf uur weer thuis.” Maar desondanks is hij trots op de prestaties van zijn team, tiende in die halve finale. “We eindigden mooi in de middenmoot. Dat lag in de lijn der verwachtingen.”

Tien keer per jaar, vijf maal voor de Kerst en vijf er na, geeft Meuleman op vrijdagmiddag na schooltijd les in de geheimen van de damsport. Wel een bewijs dat de kinderen het leuk vinden, anders zouden ze niet blijven. Hij vertelt dat de leerlingen – Ghiel Seigers, Marnik Poorterman, Jitschak van Dijk en Lynn Lenderink – via drie voorrondes in Nijverdal, Westerhaar en Heerde naar de halve finale gekomen zijn. “Van dit team zitten er twee in groep acht en twee in groep zeven. Als die laatste twee volgend jaar weer meedoen, is dat een mooie basis voor het nieuwe team.”

Meuleman speelt zelf op hoog niveau bij Denk en Zet, beter bekend als Witte van Moort (de naam van de sponsor –red.) in Westerhaar. Hij heeft er plezier in om kinderen met de damsport in aanraking te brengen al weet hij heel goed dat het tijdelijk is. “Als ze van de basisschool af zijn, krijgen ze heel andere interesses. De damsport is een vergrijzende sport; veel later pas zie je ze terug.” Maar dan heeft hij vast de basis gelegd, hij ziet het als een diepte-investering.

In Laren werden acht rondes gespeeld volgens het Zwitserse systeem. Dat betekent dat een winnend team, als volgende tegenstander, ook een team dat gewonnen heeft tegenover zich krijgt. In de eerste ronde wonnen de vier Daarlese dammers al meteen en dat leverde twee punten op. De tweede ronde eindigde in remise, dus een punt erbij. Tegen de sterke tegenstanders in de derde en vierde ronde (het gevolg van hun goede start) moest het viertal het onderspit delven. Geen van de spelers won een partij.

“De moed zonk hun in de schoenen”, vertelt Koert. In de pauze heeft hij op zijn team ingepraat. “Jullie kunnen het best, jullie zijn zo goed begonnen.” Dat hielp en gaf ze hun zelfvertrouwen terug. Daarna ging weer beter; de zesde en zevende ronde leverden weer vier punten op. Het totaal kwam uit op zeven punten uit acht wedstrijden. De spelers hadden dag vol bijzondere ervaringen en gingen blij met hun behaalde prijzen terug naar huis.